De mens achter de mens willen zien

Ha politiemensen,

Daar zit ik dan, jullie te schrijven, in verbinding proberen te komen met onbekende mensen in een voor mij onbekende wereld. Omdat ik zo “dom” was een opmerking te maken tegen de telefonerende vrouw voor de supermarkt hoe leuk het zou zijn geweest als diegene met wie ze zojuist belde had kunnen zien hoe ze er bij had staan dansen. En dat die vrouw nu juist bij Hartstocht is betrokken. Hoe wonderlijk kan het lopen. Want ook ik ben vaak op zoek naar verbinding, voor even of wat langer contact maken. Een vrolijke of iets uitdagende opmerking maakt soms dat er plots onverwacht menselijk contact ontstaat. We kunnen dat soort momenten goed gebruiken, want het is net als met zuurstof: we leven er op. En het kan je zo maar vleugels geven.

Het is ook wat ik in mijn vak als medisch-specialist probeer, waarin ik mensen met best wel ernstige bloedziektes behandel. Even dat contact maken van mens-tot-mens, de verwantschap en betrokkenheid samen voelen. Dat ze weten dat je er voor ze bent. Ook als het contact wat stroef of soms zelfs onredelijk wordt. Een kat in het nauw maakt soms rare sprongen weten jullie als geen ander. En zo probeer ik ook te zorgen dat de verstandhouding met mijn collega-artsen, verpleegkundigen, polikliniekmedewerkers, laboratoriumspecialisten en noem maar op gezond is. Omdat je elkaar zo nodig hebt. Ik weet niet alles, kan ook niet alles. En soms vlieg ik, door mijn gedrevenheid, uit de bocht; dan is het goed om open en oprecht me te verontschuldigen. Omdat waar we met elkaar voor staan belangrijker is dan mijn eer en trots. En juist dan kan je zo maar zelf sterker worden en meer gewaardeerd, omdat ik mijn kwetsbaarheid toon. Wordt natuurlijk niet altijd zo ervaren, maar dat is dan niet mijn probleem en ook geen goede reden om het niet te blijven doen. En elkaar oprecht complimenteren. Dat kan niet vaak genoeg. … ik vergeet het nog zo vaak. Want hoe bijzonder is het niet dat je samen, met al die soms totaal verschillende mensen, voor iets waardevols wil staan.

In jullie vak is de hectiek vaak groot en de impact op jezelf sterk. Je komt veel vaker in aanraking met de gevolgen van een maatschappij die best wel hard kan zijn voor mensen die bijvoorbeeld niet zo’n goede start maakten, verleidingen moeilijk weerstaan, niet geleerd hebben zich eens af te vragen en te ervaren wat een mensenleven eigenlijk echt waardevol maakt, enzovoorts. En net als wij in onze medische wereld voelen jullie de veeleisendheid van het werk alleen maar toenemen. Ik droom er van daar verandering in aan te brengen, nadenken over hoe we samen onze maatschappij vorm zouden geven als wij, gewone burgers op deze mooie planeet, het samen eens echt voor het zeggen zouden hebben. Maar daar kunnen we het later wel eens over hebben. …  of nee, toch maar nu een beetje, meer in praktische zin. Want wat jullie en ik zonder meer kunnen doen is ondanks de autoriteit uitstralende witte jas of het zwart-gele uniform onze menselijkheid, onze warmte, ons mededogen en ons pogen tot tonen van begrip, zowel voor slachtoffer als een mogelijke dader proberen te laten voelen. De mens achter de mens willen zien, al heb je alleen maar de intentie in de soms korte tijd van een contact. Het goede in elkaar willen zien en oproepen. Dat het niet aan ons is om te veroordelen, hoe moeilijk vermijdbaar dat ook is. Maar wel de moeite waard omdat we er zelf mooier van worden, en het de betreffende verrast en een gevoel van bestaansrecht geeft. Dat we het hier eens wat vaker over mogen hebben. Goed voor onszelf en goed voor de ander.

Ik ben blij dat er politiemensen zijn. Die er voor kozen om dag en nacht waakzaam en hulpvaardig te zijn. Die weten dat mensen kleine of ingrijpende missers kunnen maken. En waarbij ik hoop dat ze die medemens dan met een begrijpend hart vastberaden tegemoet treden. En dan hoop ik dat wanneer ik eens onder jullie “aandacht” kom, we elkaar als volwaardige mensen tegemoet treden, al zou het pas in tweede instantie zijn. Omdat we zoveel meer overeenkomsten hebben dan verschillen.

Michel