Hoe ik de politie beleef

“Een brief aan de lezer, wie dat ook is, over hoe ik de Politie beleef en hoe ik kijk naar de Politiemens in de huidige maatschappij.”

Hoe ik de Politie beleef

Toen ik hoorde van het initiatief “hartstocht” werd ik enthousiast van deze beweging en heb ik me aangemeld bij Maaike, niet wetende waar ik precies aan begon. Ik heb de brieven gelezen die zijn ingestuurd voor dit mooie initiatief. Ik heb getwijfeld of en op welke brief ik zou reageren. Ik vind alle brieven even indrukwekkend en ze raken allemaal. Wat mooi dat mensen de moeite hebben genomen een brief te schrijven aan de “politie”. Het initiatief spreekt me erg aan, het op deze manier het gesprek voeren met elkaar vind ik goed passen bij de huidige tijd.

De Politie lijkt steeds meer op afstand te komen, en de directe verbinding met de burger dreigt verloren te gaan. Dit soort initiatieven kunnen helpen om deze afstand te verkleinen en de verbinding te vergroten. Dus ook een brief van mijn hand, niet zozeer als antwoord op één van de brieven. Ook geen brief aan de Politie collega’s of aan de burgers. Een brief aan de lezer, wie dat ook is, over hoe ik de Politie beleef en hoe ik kijk naar de Politiemens in de huidige maatschappij.

Beste lezer,

Nadat ik op mijn 15e de MAVO had afgerond, wilde ik dolgraag bij de Politie, ik droeg echter een bril met een dusdanige sterkte dat ik hiervoor niet in aanmerking kwam. Op mijn 42e ben ik alsnog in dienst getreden bij de Politie, in een functie in de ondersteuning. Niet omdat ik hier persé naar op zoek was, maar omdat de mogelijkheid zich voordeed. En toeval bestaat niet 😉

In de afgelopen 17 jaar Politie heb ik gemerkt dat de Politie een organisatie is die je “grijpt”. Ik voel trots dat ik onderdeel ben van deze Politie, hoewel ik niet executief ben, weet ik dat ik bijdraag aan de taken van de Politie. Ik ben trots op de resultaten en successen die worden behaald. Ik schrik ook van de dingen die niet goed gaan, en baal wanneer we juist hierdoor in het nieuws komen.

De mensen die bij de Politie werken hebben vaak een groot rechtvaardigheidsgevoel, en kunnen niet goed tegen onrecht. Soms komt dit voort uit eigen ervaringen en vormt dit de drijfveer om bij de Politie te gaan werken. Politiemensen zijn erg gedreven en betrokken. Ze zijn betrokken bij de maatschappij en ze willen Nederland een stukje veiliger maken. Ze tonen hierbij veel passie en zijn volhardend om hieraan te werken. Ik ontmoet binnen de Politie veel collega’s die met hart en ziel werken aan een veiliger Nederland.

Politiemensen staan vaak aan het front, zij zijn diegene die een stap voorwaarts doen, waar anderen (noodgedwongen) een stap achterwaarts doen. In die hectiek en dynamiek maken ze snelle keuzes en zijn ze getraind om te handelen. De politie komt ter plaatse en lost op, is het credo.

Als politiemens moet je meerdere rollen kunnen vertolken, je bent de functionaris in uniform en vertegenwoordiger van het gezag. De politiemens is handhaver (= “wetsdienaar”) en zorgt voor de openbare orde, maar verricht ook opsporing en verleent ook hulp wanneer iemand in nood is. Welke rol past dan in welke situatie en pas je wanneer toe, welk soort verbinding is wanneer nodig? Ik gun de politiemens inzicht,  wijsheid en vrijheid om hier invulling aan te kunnen geven.

Politieagenten worden ook wel “dienders” genoemd, ze dienen dus. Enerzijds dienen ze het gezag (en dus de wet), maar ze dienen dus ook de maatschappij. In dat dienen zit iets paradoxaals tussen de functionaris en de mens. Wanneer moet de functionaris zich laten gelden en wanneer is er ruimte voor de mens in (of achter) het uniform. Dit zal voor ieder politiemens anders zijn, dit is niet te protocolleren zoals vele andere handelingen die men verricht.

De politie organisatie is voor deze politiemensen ook een soort Tribe, ze zijn onderling verwant vanuit hun bezieling, met een eigen cultuur met eigen gebruiken, rituelen en met een eigen (vak)taal en kleding. De politieorganisatie is groot en is in feite in de samenstelling een afspiegeling van de maatschappij. Hierin zoekt de politiemens zijn plek. Ik hoop dat een ieder deze plek kan en zal vinden.

Ik heb iemand zich weleens horen afvragen hoe het toch kan dat wij onze gezondheid, (of van onze naasten), in een noodsituatie zonder twijfel in handen geven van een dokter ( evt. een chirurg) die we niet kennen, maar waarbij we vertrouwen op zijn/haar vakmanschap om het probleem op te lossen. Misschien is dit met veiligheid en Politie ook wel zo, de politieagent die we niet kennen vertrouwen we op het vakmanschap, waardoor hij/zij het juiste zal doen. Dat gaat, net als bij medici, niet altijd goed. Fouten worden gemaakt, dat moet worden erkend en waar het kan hersteld.

Ook in de zorg is men herkenbaar aan een uniform (witte doktersjas) en (vak)taal. In die zin vormt de medische wereld ook een soort Tribe en is ook in samenstelling een afspiegeling van de maatschappij.

Tegelijkertijd schept dit alles afstand, je ziet al snel de mens niet meer achter de taal en het uniform. Ook in de medische wereld is er onderscheid tussen de functionaris en de mens achter de witte jas. In hoeverre kunnen we van elkaar leren gezien deze paralellen in dit verband, en elkaar helpen.

Dit gaat over het vertrouwen, het vertrouwen van de burger in de politie, maar ook het vertrouwen dat politie collega’s in elkaar hebben. Het vraagt om kwetsbaar te kunnen zijn waar het kan, de kunst van vertrouwen schenken en vertrouwen vragen. Het evenwicht vinden tussen de gezagsdrager enerzijds en de maatschappij dienen anderzijds is soms lastig. Wanneer mag en kan je als politiemens kwetsbaarheid tonen en wanneer past dit niet. Dit vraagt wendbaarheid, schakelvermogen, maar ook sensitiviteit en empathie.

Daarbij verandert de maatschappij snel, de digitalisering neemt toe, de druk van social media neemt toe. En we beschikken met z’n allen voortdurend over real time informatie. Daarbij neemt de polarisatie toe in de maatschappij en wil iedereen gehoord worden.

De politieorganisatie met daarin de politiemens leeft in een “glazen huis”, hun handelen is vaak zichtbaar en lokt reacties uit. Dat hoort ook bij een Publieke organisatie met een zo belangrijke publieke taak, transparantie. De vorming van de Nationale Politie heeft er voor gezorgd dat de afgelopen jaren de focus veelal intern gericht was.

De Politie moet zich gaan verhouden tot de snel veranderende wereld, en probeert dit ook. Dat is een proces dat de nodige tijd zal vergen, maar ik zie veel initiatieven ontstaan die daarbij gaan helpen. Er wordt op allerlei fronten gewerkt aan de Politie van overmorgen, ook initiatieven die zich richten op meer samenwerking met partijen buiten de Politieorganisatie. De politieorganisatie beschikt weliswaar over een geweldsmonopolie, maar heeft niet het monopolie op de veiligheid in Nederland. Dit kostbare goed is van ons allemaal. Ik gun ons allemaal een stukje eigenaarschap van dit grote goed!

Jacques